Het ruilcontract
De Stephansdom kon de grond waarop de kathedraal werd gebouwd alleen verkrijgen via een ruilcontract tussen markgraaf Leopold IV van Oostenrijk en bisschop Reginmar van Passau. Daardoor kon de bisschop van Passau een nieuwe kerk bouwen op een terrein aan de rand van de stadsmuren van de oude stad Vindobona. De Stephansdom kreeg zijn naam van Sint Stefanus, de patroonheilige van de kathedraal van Passau. Tot 1469 viel de kathedraal onder het bisdom Passau.
Een bouwgeschiedenis vol stijlen
De oorspronkelijke kerk werd tussen 1137 en 1147 gebouwd en onderging door de eeuwen heen voortdurende uitbreidingen en vernieuwingen. De kerk maakte meerdere branden mee en werd telkens opnieuw opgebouwd, steeds aangepast aan de bouwstijl van die periode. Zo toont de Stephansdom vandaag zowel laatromaanse als laatgotische elementen. De verschillende vormen en stijlbreuken zijn nog altijd herkenbaar in de pijlerprofielen en de figuratieve versiering. Tot de oudste bewaarde delen behoren de Heidentürme, de heidentorens, en de Riesentor, de reuzenpoort. De gotische uitbreiding, meteen ook de grootste, vond pas plaats onder de Habsburgers. Onder hertog Albrecht II werden het koor uitgebreid en de zuidtoren gebouwd.
De kunstig gelegde dakpannen van de Stephansdom | Foto: Flickr, Kurayba - CC-BY-SA 2.0 De verandering door vuur
Oorspronkelijk was de Stephansdom ontworpen als parochiekerk, maar in 1469 werd hij bisschopszetel en in 1722 uiteindelijk metropolitane kerk. Hoewel de kerk vanaf het begin te groot was voor de toenmalige kleine stad, wordt aangenomen dat de verheffing tot bisschopszetel al was voorzien. In de Tweede Wereldoorlog werd de kathedraal slachtoffer van ongelukkige omstandigheden. Plunderaars hadden brand gesticht in de winkels tegenover de kathedraal en door ongunstige wind sloegen de vlammen over naar het dak. De brand verwoestte grote delen van de kathedraal, waaronder het dak, de noordtoren, het reuzenorgel en de Pummerin. Ook de koorbanken, het koororgel, het keizerlijk oratorium en het doksaalkruis gingen in vlammen op. Na de oorlog begonnen omvangrijke renovatiewerken en de Stephansdom werd in 1952 heropend. Sindsdien vinden hier ook uitvaarten plaats voor bekende Oostenrijkse persoonlijkheden, het laatst voor Niki Lauda en de Weense hulpbisschop Helmut Krätzl.
De zuidtoren van de kathedraal | Foto: Flickr, Paul Hudson - CC-BY-SA 2.0 Wist je dat...
... de kathedraal in de 15e eeuw zelfs een torenklok had waarop alle klokken van de stad werden gelijkgezet? Die werd in 1861 verwijderd en is nu te bewonderen in het Weens Klokkenmuseum.
... de Stephansdom met zijn 22 klokken het grootste gelui van Oostenrijk heeft, en ook wereldwijd tot de grootste behoort? De klokken van Sint Stefanus zijn verdeeld over de zuidtoren, de noordelijke Heidenturm en de noordtoren.
... de beroemdste en grootste klok van de kathedraal 'Pummerin' heet? Ze heeft een diameter van 314 cm en wordt ook de stem van Oostenrijk genoemd. Ze hangt in de noordtoren. Toch is dit niet de oorspronkelijke klok. Die hing in de zuidtoren, maar viel naar beneden en brak tijdens de kathedraalbrand van 1945. De nieuwe Pummerin werd in 1951 in Opper-Oostenrijk, een deelstaat van Oostenrijk, deels met oud materiaal opnieuw gegoten en in 1952 als geschenk terug naar Wenen gebracht. In tegenstelling tot de andere klokken luidt de beroemdste klok van Oostenrijk alleen bij bijzondere gelegenheden, zoals de jaarwisseling.
De hoogste torens van de kathedraal
De zuidtoren van de Stephansdom, door de Weners liefkozend 'Steffl' genoemd, rijst hoog boven de daken van Wenen uit. De eerste steen werd gelegd in 1359; de zuidtoren was voltooid in 1433. Ooit diende hij als uitkijkpost voor branden. Meer dan 343 treden leiden naar de Türmerstube, die vandaag een fantastisch uitzicht over de stad biedt. Na de bouw was de zuidtoren met zijn hoogte van 136,44 m 50 jaar lang het hoogste vrijstaande bouwwerk ter wereld en mocht hij naar verluidt niet worden overtroffen. Hier bevindt zich het hoofdgelui van Sint Stefanus, dat uit in totaal 11 klokken bestaat. Bovenin, in de spits van de zuidtoren, hangen nog twee klokken.
In de noordtoren hangen drie klokken, waaronder de bekendste, de Pummerin. De overige zes klokken hangen in de noordelijke Heidenturm. De noordtoren is zowel te voet als met de lift bereikbaar, maar is met 68 m veel lager dan de zuidtoren. Er wordt gezegd dat de noordtoren onvoltooid bleef door economische moeilijkheden aan het einde van de middeleeuwen, de dreigende Turkse invasies en vooral door de grote religieuze omwenteling van de Reformatie. Of zit er misschien nog een ander verhaal achter?
Het pact met de duivel
Wanneer de Weners vroeger een verschijnsel niet konden verklaren, kreeg de duivel de schuld, net als bij de nooit voltooide noordtoren. Volgens een oude legende zocht de stadsraad destijds een nieuwe bouwmeester om de voltooiing van de Stephansdom te versnellen. Bouwmeester en architect Hans Puchsbaum zag daarin een kans om de hand te vragen van de welgestelde dochter van de toenmalige domarchitect Peter Prachatitz, op wie hij hopeloos verliefd was. De meester beloofde Puchsbaum Maria tot vrouw te geven als hij erin zou slagen de tweede toren van de Stephansdom binnen een jaar af te bouwen, dus in een onvoorstelbaar recordtempo. Toen er echter moeilijkheden dreigden, sloot hij een pact met de duivel. De duivel beloofde hem hulp op voorwaarde dat Puchsbaum tijdens de bouw de naam van God, de Maagd Maria of enige andere heilige niet zou uitspreken. Toen Maria op een dag Puchsbaum op de bouwplaats niet opmerkte en hij daarom haar naam riep, stortte de noordtoren in en begroef hem onder het puin.